10 jaar heeft Chad Harbach erover gedaan om dit boek te schrijven. Weliswaar gaat deze roman over honkbal, een typisch Amerikaanse sport, maar de auteur tilt het verhaal op naar een universeel plan, zodat het uiteindelijk een roman is over vriendschap en liefde, het verwerken van teleurstellingen en volwassen worden.
De centrale figuur in De kunst van het veldspel is Henry Skrimshander, een begenadigde korte stop (de man die tussen het tweede en derde honk staat), die door de oude Grieken en Romeinen citerende catcher Mike Schwartz naar het bescheiden Westish College wordt gehaald om de Harpooners eindelijk eens kampioen te maken. Hij deelt een kamer met de homoseksuele Owen Dunne.
Die krijgt weer een verhouding met Guert Affenlight, de rector magnificus van Westish College. Diens dochter, Pella, komt bij haar vader wonen, omdat haar huwelijk op de klippen is gelopen, en belandt met Henry en Mike in een driehoeksverhouding. Deze vijf levens kruisen elkaar dus voortdurend in het sprankelende, breed opgezette en goed geschreven De kunst van het veldspel. De sleutelscène van de roman, het idee waarmee de roman in Harbachs geest werd geboren, speelt zich af op het honkbalveld. Skrimshander die op het punt staat het record van zijn held Aparicio Rodriguez, tevens schrijver van zijn bijbel The art of fielding, te breken gooit een bal die niet komt waar hij hem wil hebben. Daarna begint hij meer fouten te maken. In het honkbal staat dat bekend als the yips. Of de Steve Blassziekte of het Steve Saxsyndroom. Genoemd naar spelers die er last van hadden.
Henry gooit die bal naar het eerste honk, maar de bal komt snoeihard in de Westishdug-out terecht. Precies tegen het hoofd van Owen Dunne, waarna een verhaal volgt over ambitie, perfectionisme, angst en liefde.
Hij gaat verder over the yips. “Het is een psychologisch probleem. Hij functioneerde perfect ín het veld, niet daarbuiten. En nu is hij ook in het veld niet meer perfect. Henry moet daarmee leren omgaan. Je kunt de roman een coming of age-roman noemen. Henry ontwikkelt zich enorm gedurende het boek. Hij wordt een interessant personage.”
De ontstaansgeschiedenis van De kunst van het veldspel, de letterlijke vertaling van The Art of Fielding, is net zo intrigerend als het boek zelf. Tussen het eerste idee en de publicatiedatum zat een decennium waarin Harbach schrapte en opnieuw begon, nog meer schrapte, boetseerde en teksten renoveerde. Steeds openlijker begonnen familieleden en vrienden rekening te houden met de mogelijkheid dat het boek nooit zou verschijnen; dat Harbach jarenlang als een bezetene bouwde aan een luchtkasteel.
Maar nu het boek er is sleept Harbach je op een onnadrukkelijke manier volkomen mee. De kunst van het veldspel is een boek om in te verdwijnen en zeker de moeite waard om te lezen ook als je niet van honkbal houdt.’ -
Dit boek is in alle vestigingen van bibliotheek Heusden te leen.
Karin Kmiolek, Bibliotheek Heusden






